Robertus Bellarminus werd in 1542 geboren in Montepulciano, in Toscane. Hij trad toe tot de jezuïeten en groeide uit tot een van de belangrijkste katholieke theologen van zijn tijd. Na studies en onderwijswerk, onder meer in Leuven, doceerde hij in Rome. In zijn omvangrijke Disputationes verdedigde hij de katholieke leer tegen protestantse kritiek. In 1599 werd hij kardinaal.
Bellarminus speelde een belangrijke rol in de katholieke reactie op de Reformatie, maar is ook bekend door zijn betrokkenheid bij de zaak-Galileo. In 1616 kreeg hij opdracht om Galileo mee te delen dat deze het heliocentrische wereldbeeld niet als bewezen waarheid mocht verdedigen. Bellarminus stelde later schriftelijk vast dat Galileo op dat moment niet wegens ketterij was veroordeeld en geen boete of penitentie opgelegd had gekregen. Het bekende proces tegen Galileo volgde pas in 1633, lang na Bellarminus' dood.
Als theoloog hield Bellarminus zich ook bezig met de verhouding tussen pauselijke en wereldlijke macht. Zijn standpunten waren soms zelfs voor de pauselijke leiding omstreden. Hij overleed in 1621 in Rome. In 1930 werd hij heilig verklaard en een jaar later uitgeroepen tot kerkleraar. Hij blijft een markante figuur op het snijvlak van geloof, wetenschap en gezag.