Pius IV werd in 1499 geboren als Giovanni Angelo Medici in Milaan. Hij was jurist van opleiding en werkte zich via verschillende kerkelijke en bestuurlijke functies op tot kardinaal. Ondanks zijn naam behoorde hij niet tot de beroemde Florentijnse Medici-dynastie. In december 1559 werd hij tot paus gekozen als opvolger van de strenge Paulus IV.
Zijn belangrijkste verwezenlijking was het opnieuw bijeenroepen en tot een einde brengen van het Concilie van Trente. Dit concilie had sinds 1545, met lange onderbrekingen, geprobeerd een antwoord te formuleren op de Reformatie en op problemen binnen de katholieke Kerk. Onder Pius IV werden de laatste zittingen in 1563 afgerond. De besluiten over leer, kerkelijke discipline en hervorming kregen daarna pauselijke goedkeuring.
Pius IV voerde op verschillende punten een minder harde koers dan zijn voorganger, al bleef hij vastberaden de katholieke eenheid te bewaren. Hij vertrouwde sterk op zijn neef Carlo Borromeo, die later een vooraanstaande hervormingsbisschop werd. In 1564 liet Pius IV een aangepaste lijst van verboden boeken publiceren, minder streng dan die van 1559. Hij overleed in 1565 in Rome. Zijn pontificaat vormde een scharniermoment waarin de besluiten van Trente de basis legden voor de katholieke hervorming van de volgende eeuwen.